Ga naar inhoud
Verlaten glampingterrein met tipi en hottub aan een mistig rivierenlandschap

De yogacamping waar de rek uit was

Hoe twee startupveteranen een glampingparadijs met yoga en sauna bouwden aan een Utrechtse rivier — en de uitbreiding de das omdeed

Nijmegen
Cultuur
Uitspraak: 27 januari 2026
0 werknemers
Resteert
Advertentie

De Lingedijk in Kedichem is een plek waar je de stad vergeet. Een smalle dijk langs de Linge, een rivier die zich langzaam door het Utrechtse rivierenland slingert. Buitendijks, tussen de plassen en de rietkragen, nestelen ijsvogels. Bevers bouwen dammen. En tot voor kort stonden er tipi’s, glampingpods en een houten sauna. Een camping die geen camping wilde zijn — maar een plek om tot rust te komen. Yoga bij zonsopgang, meditatie in de middag, een hottub onder de sterren. Alleen volwassenen. Telefoon weg. Ademen.

De gasten gaven het een 9,3. De bank gaf het een nul.

Op 27 januari 2026 sprak de rechtbank Gelderland het faillissement uit. De tipi’s staan er nog, maar de tent — een grote stretchtent die het hart van het terrein vormde — was begin januari al bezweken onder het gewicht van de sneeuw.

€31K Totale schuld
0 Werknemers
€73K Boedelsaldo
9 Crediteuren

Van burnout naar buitenlucht

De oprichter was negenentwintig toen hij zijn baan opzegde. Hij had psychologie gestudeerd en werkte in de Amsterdamse startupwereld — bij een snelgroeiende fietsendeelstartup waar hij verantwoordelijk was voor groei en internationale expansie. Hij mediteerde al acht jaar dagelijks. Had retraites gedaan in Thailand, Indonesië, Australië. Maar op kantoor zag hij het tegenovergestelde: collega’s die opbrandden, twee van de vier teamleden met een burnout.

“Ik had een sterk gevoel: ik moet hier iets aan doen,” vertelde hij later. De volgende ochtend zegde hij zijn baan op. Samen met een collega — ook afkomstig uit de startupwereld — begon hij aan een plan: een plek waar mensen konden onthaasten. Geen festival, geen resort, maar een camping met yoga, meditatie en stilte. Glamping voor de generatie die alles had behalve rust.

In de zomer van 2021 begon het als pop-up op een landgoed in de Achterhoek. Tipi’s in het bos, drie maanden lang. Toen het terrein moest worden ontruimd, besloten ze door te zetten. Een B.V. werd opgericht. En om de plannen te financieren richtten ze een stichting op — een STAK, een Stichting Administratiekantoor — waarin familie, vrienden en kennissen investeerden. De droom werd collectief gefinancierd.

Pop-up camping op landgoed in de Achterhoek — tipi's in het bos

B.V. opgericht, STAK voor financiering door familie en vrienden

Eerste vaste locatie geopend aan de Linge in Kedichem

Tweede locatie geopend in Dorst (bij Breda) — winterconcept met sauna en ijsbaden

Surseance aangevraagd bij twee rechtbanken tegelijk

Faillissement uitgesproken

Twee locaties, één probleem

De eerste vaste locatie was Kedichem: buitendijks aan de Linge, tussen Leerdam en Gorinchem. Panoramapods aan het water, luxe tipi’s, een sauna, een hottub. SUP-boards en kano’s om de rivier op te gaan. Inclusief dagelijkse yoga, meditatie en workshops. Prijs: rond de tachtig euro per nacht per persoon. Veertien gastplaatsen. Alleen achttien-plus.

Het concept sloeg aan. De reviews waren uitzonderlijk — een 9,3 op basis van meer dan 170 beoordelingen. In het hoogseizoen waren alle plaatsen verhuurd in de weekenden en vakanties. Maar buitendijks aan de Linge betekende ook: in de winter dicht. Het terrein lag in een overstromingsgebied. Van oktober tot april geen inkomsten, terwijl de vaste lasten doorliepen.

De oplossing leek een tweede locatie. In december 2024 opende het winterconcept in Dorst, een dorp tussen de bossen bij Breda. Sauna’s, kampvuren, ijsbaden, yoga. Twee aandeelhouders verstrekten een aanvullende lening voor de inrichting. Daarvoor werd een pandrecht toegezegd — maar dat pandrecht werd nooit rechtsgeldig gevestigd. Geen pandakte opgesteld, geen registratie bij de Belastingdienst. De aandeelhouders die extra geld inlegden, stonden juridisch met lege handen.

De bossen bij Breda

Glampingtent in de natuur
Foto: Matheus Bertelli via Pexels

Dorst werd het kantelpunt. De locatie bleek arbeidsintensiever dan begroot. Gasten konden hier ook met eigen tent of camper komen, wat een andere dynamiek gaf. Maar het belangrijkste probleem was fundamenteler: de bezettingsgraad bleef achter. De curator vat het samen in drie zinnen die het hele verhaal vertellen.

De locatie lag niet aan het water — en Kedichem wél. Dat maakte Dorst minder aantrekkelijk. De naamsbekendheid moest nog groeien. En de reisafstand vanuit de Randstad — de belangrijkste markt — werd als net te ver ervaren voor een weekendje weg.

In het hoogseizoen liepen de weekenden en vakanties vol. Maar doordeweeks en buiten de schoolvakanties stonden de pods leeg. Het plan om doordeweekse bezetting te vullen met bedrijfsuitjes en zakelijke verhuur kwam te laat: de liquiditeitstekorten waren er eerder.

Eind 2025 was het duidelijk: de begroting kwam niet rond en nieuwe financiering bleek onhaalbaar. Het bestuur stuurde een besluit tot faillissementsaanvraag rond. Maar niet alle aandeelhouders stemden in. Daarom werd gekozen voor surseance — een voorlopige maatregel die nog een kans op redding bood.

Twee rechtbanken, dezelfde dag

Op 13 januari 2026 werd bij twee rechtbanken tegelijk surseance aangevraagd: bij de rechtbank Gelderland in Zutphen (het statutaire adres lag in Nijmegen) en bij de rechtbank Midden-Nederland in Utrecht (de camping in Kedichem lag in de provincie Utrecht). Beide verzoeken werden voorlopig toegewezen. Dezelfde persoon werd bewindvoerder.

Tijdens de surseance werd onderzocht of nieuwe financiering aangetrokken kon worden. Dat bleek niet haalbaar. Op 27 januari — veertien dagen later — werd de surseance ingetrokken en het faillissement uitgesproken.

Bevers, ijsvogels en een ingestorte tent

Wat de curator aantrof was een bedrijf zonder werknemers — het seizoen was voorbij, het personeel was al vertrokken — maar met twee terreinen vol glampinginventaris. Tipi’s, pods, cabins, pipo-wagens, buitensauna’s, meubels, linnen, fietsen, SUP-boards.

Het verkopen van die spullen bleek ingewikkelder dan verwacht. Het terrein in Kedichem lag in een beschermd natuurgebied. Er nestelden ijsvogels. Er leefden bevers. Het verwijderen van de pods en cabins zou vergunningplichtig zijn en aanzienlijke kosten met zich meebrengen. Een openbare veiling ter plekke was ondoenlijk — het terrein was alleen bereikbaar via smalle dijkpaden, langs slootjes en plassen.

En dan was er de stretchtent. Begin januari, nog vóór de surseance, was de grote witte tent die als centraal punt van het terrein diende bezweken onder het gewicht van de sneeuw. Onherstelbaar. Vervangingskosten: vijfduizend euro. De tent die het terrein bij elkaar hield, lag plat.

De curator verkocht de inventaris van beide locaties aan de respectievelijke verhuurders. Kedichem bracht 17.500 euro op, Dorst 25.000 euro. De verhuurder van Dorst deed bovendien afstand van ruim 12.500 euro aan huurvorderingen na datum surseance — een gebaar dat de boedel aanzienlijk ontlastte.

Het merk, de website, de domeinnaam, de social media-accounts en het klantenbestand — het hele concept — werden verkocht aan iemand die zelf al een camping exploiteert. Prijs: 5.525 euro inclusief goodwill. Het concept gaat door op een andere locatie. De terreinen in Kedichem en Dorst krijgen een nieuwe toeristische invulling, maar zonder het oorspronkelijke merk.

€17,5K Opbrengst Kedichem
€25K Opbrengst Dorst
€5,5K Merk + concept
9,3 Gastenbeoordeling

De rekening

Het opvallendste aan dit faillissement is hoe bescheiden de schade is. Negen concurrente crediteuren voor in totaal 31.487 euro. Geen belastingschuld — een kleine achterstand in loonbelasting werd verrekend met een btw-teruggave. Geen bankvordering. Het boedelsaldo bedraagt ruim 73.000 euro — meer dan het dubbele van de totale schuld.

Geen werknemers die hun baan verloren. Geen miljoenen aan schulden. Geen verdwenen administratie. De curator noteerde dat de boekhouding op het eerste gezicht op orde leek. Maar er zijn nog open vragen. Of de aandelen zijn volgestort, wordt onderzocht. En het pandrecht dat werd beloofd aan twee aandeelhouders maar nooit werd gevestigd — dat is een kwestie die de curator nog zal uitzoeken.

De vrienden en familieleden die via de STAK investeerden, zien hun geld waarschijnlijk niet terug. Niet omdat het is verdwenen, maar omdat het is uitgegeven aan tipi’s in een overstromingsgebied en sauna’s in een bos dat net te ver van de Randstad lag.

Het volgende curatorverslag wordt verwacht in juni 2026.

Dit verhaal is gebaseerd op het eerste openbare verslag van de curator, gepubliceerd op 20 maart 2026. Het dossier loopt nog.

Dit dossier loopt nog

Zolang het faillissement niet is afgerond, verschijnen er nieuwe verslagen van de curator. Op FaillissementAlert.nl kun je dit dossier volgen en alle openbare stukken inzien.

Volg dit dossier op FaillissementAlert.nl
Advertentie

Lees ook